Eén drieling, drie individuen

In juli 1999 raakte ik via hormooninjecties zwanger van onze drieling. Mijn man Arie zei meteen dat het een meerling was, ik zei van niet. Dus toen de gynaecoloog ging tellen: hier één, hier de tweede en hier de derde, hoorde ik mijn man alleen maar zeggen: “Ik zei het toch!”

Klussen in ons nieuwe huis.
De zwangerschap verliep best voorspoedig. Ik werkte in de zorg, maar moest op kantoor vervangende werkzaamheden gaan doen. In november 1999 kregen wij de sleutel van ons nieuwe huis. Het klussen begon, in december zijn we overgegaan met een tuinset als meubels en met de babykamer neutraal behangen en geverfd. Op 26 januari moest ik voor mijn wekelijkse echo naar de gynaecoloog. “De acht maanden gaat u niet redden,” zei hij, maar ik dacht eigenwijs van wel. De eerste dag dat Arie me moest helpen met aankleden was op 30 januari. Toen was ik nog van plan om de dag erna de woonkamer schoon te maken, maar zover kwam het niet. Ik stond op uit de stoel met een stekende pijn in mijn rechterzij. Ik dacht gewoon even te gaan douchen en op de bank te liggen, maar Arie niet. Die belde het ziekenhuis en we konden komen. Arie zette de auto voor de ingang, maar in de rolstoel zitten, dat wilde ik niet. Ik bleek zes cm ontsluiting te hebben. Totaal niet door gehad. En omdat ik 31 weken zwanger was, kreeg ik weeënremmers en longrijpingsprikken.

De geboorte van kind één.
Maandag 31 januari zaten mijn moeder, schoonmoeder en schoonzus op de gang te wachten voor het bezoekuur. Nou, die hadden de primeur want even daarvoor zetten de weeën toch door. Zo werd om 14.55 uur Wesley geboren, hij woog 1530 gram. De dames op de gang mochten na tien minuten komen kijken, daarna ging Wesley in de couveuse naar de High Care. En toen had ik er nog twee… Weer ging ik aan de weeënremmers en zo ging 1 februari rustig voorbij. De volgende morgen mochten de weeënremmers eraf omdat de tweede longrijpingsprik zijn werk had gedaan. Het werd een rustige avond, tot Arie naar huis wilde gaan en ik toch weer weeën kreeg. Zo werd om 22.56 onze tweede zoon Davey geboren met 1860 gram. En toen… hielden de weeën op! Er werd vervolgens heel hard op mijn buik gedrukt en ik moest persen terwijl ik geen weeën had. En zo werd ons dochtertje Jaimey geboren om 23.07 uur, ze woog 1258 gram en lag in een stuit.

Drie couveuses achter elkaar.
Drie uur later mocht ik naar de High Care. Daar lagen ze dan… drie couveuses achter elkaar met onze baby’s. Wat zo mooi was, was dat Wesley ‘klaarwakker’ was, alsof hij wilde zeggen: “Zo, daar zijn mijn broertje en zusje!” Ze lagen met z’n drietjes twee weken in dit ziekenhuis, daarna gingen ze naar een streekziekenhuis, waar ze nog zeven tot acht weken hebben gelegen. Davey kwam als eerste thuis, drie dagen later Jaimey en een week later Wesley. Eenmaal thuis wilde ik geen hulp, dan voelde ik me zo gebonden. Wat ik erg vervelend vond, waren de vooroordelen. Veel mensen gingen ervan uit dat je het druk moet hebben, terwijl ik dat reuze vond meevallen. Ik zeg er wel eerlijk bij dat ze gezond waren en goed aten en sliepen. Het was zwaarder geweest als een van hen een aandoening had gehad. Als ik met ze ging wandelen kreeg ik soms te horen: “Goh, wat erg.” En als ik dan zei dat ik het erg vond als mensen geen kinderen kunnen krijgen, of hun kinderen hadden verloren en dat dit juist een heel rijk bezit was, dan gaven ze me toch wel gelijk.

Verschillen.
Vanaf het begin zagen we verschillen. Qua ontwikkeling zag je bijvoorbeeld dat de oudste langer over zijn zwemdiploma deed, over het leren fietsen, maar zijn Cito-score was hoger dan van zijn broertje en zusje. Niet dat wij dat belangrijk vonden, zolang ze maar zichzelf konden zijn. De oudste kon urenlang alleen spelen of lezen in een boek, terwijl zijn broertje en zusje elkaar opzochten. Ook was hij altijd net iets langer ziek als die andere twee. Hij begon met een verkoudheid, stak de anderen aan en kreeg het daarna zelf weer. Hij is meerdere keren geopereerd aan zijn amandelen en kreeg buisjes in zijn oren. Het heeft vast te maken met de longrijpingsprik waarvan hij niet lang genoeg heeft kunnen profiteren en zijn broertje en zusje wel. Ze gingen met zijn drieën naar de peuterspeelzaal en daarna naar de kleuterschool. Er waren maar twee kleuterklassen, dus wij hebben ze bewust niet uit elkaar gehaald. Toen ze naar groep 3 zouden gaan, wilden ze dat de oudste doubleerde. Dit wilden wij niet, dan liever twee keer groep 3 doen. En onze middelste zou naar het speciaal onderwijs moeten gaan. Dit heeft een hoop gesteggel gegeven, waarna we kozen voor een andere basisschool. En wat bleek? In groep 3 adviseerden zij om onze dochter te laten doubleren vanwege haar onzekerheid, puur voor haar eigen belang. Prima. De middelste ging toch naar het speciaal onderwijs. Het leek alsof wij dat als ouders erg moesten vinden, maar wij dachten: “Zit hij daar op zijn plek? Vooral doen.”

Middelbare school.
Ook op de middelbare school volgde ieder zijn eigen pad. De oudste startte op vwo-niveau, ging in de tweede naar de havo en is toen gedoubleerd. In de derde dreigde dat weer te gebeuren, maar twee keer doubleren mag niet. Uit tests bleek dat hij wel op vwo-niveau zat, maar dat het hem gewoon niet lukte. We gingen in gesprek met hem: “Waarom doe je niet de mavo, dan word je eindelijk beloond voor je inzet.” Hij voelde dat als falen, wij niet. Dus ging hij naar de mavo, waar hij zich gelukkiger voelde en slaagde voor zijn examen. Daarna deed hij ICT op niveau 3, nu op niveau 4. De middelste heeft altijd een hekel aan school gehad. Gaf hem een hamer en spijkers, en hij was gelukkig. Hij zit nu bij defensie, een droom die hij al vanaf zijn dertiende had en waar hij zich keihard voor inzet. De jongste ging een jaar later naar de middelbare school en deed vmbo-kader. Ze vond praten en giechelen echter leuker dan leren met als gevolg dat ze op basisniveau examen heeft gedaan. Toen wilde ze kapster worden. Ik zag al dat dit hem niet ging worden. Maar zij wilde dit, om na twee maanden alsnog te stoppen. Na een tussenjaar ging ze op niveau 2 de zorg in en nu doet ze de opleiding tot pedagogisch medewerker op niveau 3. Ze zit helemaal op haar plek. Zo zie je maar weer: ondanks hun vroeggeboorte draaien ze alle drie op hun manier mee in de maatschappij.

 

Eigen karakters, ideeën en inzichten.
Als broers en zus staan ze altijd klaar voor elkaar, maar ze kunnen ook elkaars hersens inslaan. Vroeger zagen we dat de oudste meer op zichzelf was en de middelste en de jongste met elkaar optrokken. Nu is de middelste meer op zichzelf en trekken de andere twee naar elkaar toe. Wij hebben de kinderen nooit gezien als drieling; het zijn drie individuen met eigen karakters, ideeën en inzichten die toevallig tegelijk in mijn buik zaten. Hun ziekenhuisperiode hebben we ook als iets moois ervaren. Wij hadden daar immers maar liefst drie kinderen liggen en helaas zijn er ouders die na een bevalling kinderloos naar huis gaan. En ook omdat we na zo’n lang verblijf een bepaalde band kregen met de verpleging. En nu hebben we drie heel verschillende jongvolwassenen rondlopen die op hun eigen manier in het leven staan, maar er ook voor elkaar zijn en voor andere mensen. Kortom: toen trotse ouders, nu nog steeds trotse ouders.

 

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
Donatiebedrag in €:
0