Hulp na ontslag uit het ziekenhuis. 

Door Loekie van Sonderen (kinderarts/neonatoloog), Marion van der Steen (GZ-psycholoog bij MOC ‘t kabouterhuis)

Een opname van een pasgeborene op een NICU maakt verschillende gevoelens los bij de ouders. Aan de ene kant zijn zij blij met de geboorte van hun kind, maar tegelijkertijd schrikken zij van de vaak onverwachte opname en krijgen zij te maken met angst en onzekerheid over de gezondheid en de toekomst van hun kind. Een opname op de couveuseafdeling veroorzaakt veel stress bij de ouders. De meeste stress wordt veroorzaakt doordat ouders niet de ouderrol kunnen vervullen waar zij zo naar hebben gezien. Zij kunnen hun kind niet verzorgen en ervan genieten zoals bij een gezonde pasgeborene. 

Andere belangrijke bronnen van stress zijn de onzekerheid over de uitkomst, de toestand van het kind, de omgeving met veel geluiden, de grote hoeveelheid mensen die er werkt en de relatie met al die zorgverleners. Perioden van redelijke stabiliteit kunnen worden afgewisseld door plotselinge verslechteringen in de gezondheid van hun kind. Soms moeten ouders zelfs afscheid nemen van hun kind naar wie ze zo hebben uitgezien.

Stressvolle situaties kunnen leiden tot een scala aan gevoelens en reacties, die je kunt onderverdelen in vier categorieën:

1. Emotionele reacties.

Ouders kunnen emotioneel niet meer reageren zoals ze gewend zijn. Zij kunnen zich bijvoorbeeld niet meer echt met anderen verbonden voelen. Ze kunnen het gevoel hebben dat alles zich afspeelt in een waas, dat het niet écht is wat ze meemaken of dat ze zichzelf niet meer zijn. Zij kunnen zich hulpeloos, machteloos en verlaten voelen. Ze kunnen angstig of depressief worden, zich schuldig voelen, kwaad of geïrriteerd reageren of de situatie willen ontkennen.

2. Fysieke reacties.

Denk hierbij aan bijvoorbeeld slapeloosheid, vermoeidheid, lusteloosheid, duizeligheid, maag/darmproblemen, misselijkheid, verhoogde spierspanning en/of transpireren.

3. Cognitieve reacties.

Soms kunnen ouders zich bepaalde zaken die gebeurd of gezegd zijn niet meer goed herinneren, zich slecht concentreren, moeilijk beslissingen nemen of in de war zijn. Ook kunnen bepaalde beelden of gedachten zich ongewild opdringen.

4. Gedragsmatige reacties.

Gedragsmatige reacties kunnen zich uiten in het zich afzonderen van familie en vrienden. Ouders verwachten dat ze het wel zullen redden zonder de hulp van anderen. Ook kan het zich uiten in cynisch praten over de situatie of er helemaal niet over willen praten. Tenslotte kunnen verschijnselen optreden als verandering van eetpatroon (minder of juist meer dan anders) en meer roken of drinken.

Al deze verschijnselen zijn op zich normale reacties op abnormale en bedreigende gebeurtenissen. Voor de meeste mensen zijn ze gelukkig van voorbijgaande aard. Soms kunnen ze leiden tot een posttraumatisch stresssyndroom. Uit onderzoek is gebleken dat dit nog één tot drie jaar na de geboorte kan voorkomen.

Een opname op een couveuseafdeling met de bijbehorende stress kan invloed hebben op de ouder-kindinteractie wat betreft hechting. Ook kan het leiden tot een te intense/overbeschermende ouder-kindrelatie en het kan gevolgen hebben voor het gehele gezin, voor de onderlinge relatie tussen moeder en vader, en voor de hele omgeving (familierelaties, werkrelaties enz.). Tegenwoordig zijn er interventieprogramma’s rondom/na ontslag uit het ziekenhuis. Desalniettemin kunnen er problemen optreden waarvoor extra hulp nodig is.

 

Na ontslag uit het ziekenhuis, waar voor ouders en kind continu medische zorg aanwezig was, begint het ‘normale’ leven. Daar hebben ouders zo lang naar uitgekeken en naartoe geleefd. In de praktijk is het voor ouders niet altijd even gemakkelijk om de overstap van het ziekenhuis naar het gezinsleven thuis te maken. Stond in het ziekenhuis het overleven voorop, nu moet een nieuwe balans gevonden worden. Dat vraagt van elk gezinslid de nodige aanpassingen en energie.

In de meeste gevallen lukt het ouders goed om na verloop van tijd de juiste balans te vinden. Soms valt het echter tegen en merken ouders dat ze last hebben gevoelens van onzekerheid in de opvoeding; om duidelijke grenzen te trekken naar hun kind toe of om vol overtuiging te handelen in bepaalde situaties, want mogen ze dat wel van hun kind verwachten?

Ouders kunnen zorgen hebben om de ontwikkeling van hun kind, hun kind heeft tenslotte een moeilijke start gehad. Hoe ‘normaal’ ontwikkelt hun kind zich? Het kan voor ouders moeilijk zijn om deze zorgen te uiten en te bespreken met anderen. De omgeving kan reageren met dat het toch het belangrijkste is dat hun kind nog leeft en thuis is. Of men probeert ouders gerust te stellen door te zeggen dat het allemaal wel meevalt, dat hun kind nog jong is en een achterstand wel inhaalt, terwijl je als ouder wel met een zorg zit en blijft zitten.

Soms kunnen deze zorgen zó sterk zijn, dat het ouders in de weg zit om stevig hun ouderrol te vervullen. Dit kan het vormen van een positieve ouder-kindrelatie in de weg zitten. En die positieve ouder-kindrelatie vormt juist weer de basis voor een positieve ontwikkeling van het kind, in alle opzichten. Want een kind dat weet wat hij van zijn verzorgers kan en mag verwachten, dat zich gehoord en gezien voelt, voelt de veilige en positieve basis van waaruit het zich kan ontwikkelen en de wereld durft te ontdekken.

Onderschat niet de impact die de start met jullie baby gehad kan hebben op je eigen functioneren en op dat van je kind. Vaak zijn de gebeurtenissen en ervaringen zo heftig geweest, dat je later pas merkt dat dit verwerkt moet worden. Misschien merk je dit aan je eigen gedrag, maar je kunt het ook aan het gedrag van je kind merken, bij wie vaak het hyperalerte gedrag (bijvoorbeeld alles en iedereen in de gaten houden, snel schrikken van harde geluiden, moeite hebben om rustig in slaap te vallen of onrustig slapen en vaak huilend wakker schrikken) opvalt.

Merk je dat het je moeite kost om vanuit vertrouwen je kind op te voeden? Weet dat je daarbij geholpen kan worden. Je hoeft niet aan te blijven ‘modderen’ als je twijfels hebt. Een organisatie die gespecialiseerd is in het ondersteunen en begeleiden van ouders met zeer jonge kinderen is Medisch Orthopedagogisch Centrum (MOC) ’t Kabouterhuis. Binnen deze organisatie wordt nauw samengewerkt met ouders en wordt zorgvuldig met ze besproken waar hun zorgen en vragen liggen en waar ze precies hulp bij nodig denken te hebben.

Binnen MOC ‘t Kabouterhuis zijn veel specialisten werkzaam (onder andere een kinderarts, GZ-psycholoog, kinderpsychiater, logopedist, kinderfysiotherapeut, gezinsbegeleider en orthopedagogisch medewerker). Zij werken nauw samen en kunnen worden ingezet om nader uit te zoeken hoe de ontwikkeling van jouw kind verloopt in vergelijking met leeftijdsgenoten, wat jullie kind voor speciale begeleidingsbehoeftes heeft en wat jouw kind van jou als ouder vraagt in de opvoeding.

Hulp kan bestaan uit ouder-kind-behandeling, ouderbegeleiding, traumabehandeling of individuele behandeling van het kind. Deze hulp wordt op maat en in overleg met de ouders ingezet. Het kan gebeuren dat ouders wordt geadviseerd om ook hulp voor zichzelf te zoeken voor het verwerken van de heftige ervaringen rondom de geboorte van hun kind. Indien er geen MOC ’t Kabouterhuis in de buurt is, kan er hulp geboden door vergelijkbare instanties, te weten Medische Kinderdagverblijven.

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
Donatiebedrag in €:
0