Slechte regelingen met zorgverzekering

Ik was superblij toen ik ontdekte dat ik zwanger was. Ondanks mijn misselijkheid kon ik nog veel belangstelling opbrengen voor de hele zwangerschap. Mijn dromen over een baby namen vastere vormen aan en het zien van de echo’s maakte de baby al zo concreet. Mijn zwangerschap verliep verder zonder bijzonderheden. Met 28 weken had ik nog een fotoshoot voor een magazine. 

Tijdens mijn zomervakantie in Italië kreeg ik last van hoofdpijn en oedeem in gelaat, handen, voeten en benen. Mensen uit de omgeving zeiden dat dit bij een zwangerschap en de warmte hoorde. Ik merkte ook dat ik minder plaste dan normaal. Bij terugkomst in Nederland ben ik ‘s maandags nog gaan werken, maar dinsdag besloot ik de huisarts te bezoeken. Die ontdekte dat ik eiwit in mijn urine had en een hoge bloeddruk en verwees mij door naar een streekziekenhuis.

Na onderzoek werd het vermoeden van zwangerschapsvergiftiging bevestigd en ik werd direct opgenomen in het ziekenhuis met zes weken bedrust. Twee dagen later deelde de gynaecoloog mee dat ik overgebracht moest worden naar een academisch ziekenhuis, want hier konden ze ons niet de nodige zorg bieden, terwijl niemand mij had ingelicht over de ernst van mijn situatie of medicatie toegediend.

De verpleegkundige ging rondbellen voor een plek. Even later hoorde ik dat ik per ambulance overgebracht zou worden naar Antwerpen, want in Nederland was geen plek. Diezelfde avond lag ik onder strenge observatie aan allerlei apparatuur in een Belgisch ziekenhuis met de nodige medicatie en kreeg ik bezoek van verpleging, artsen, professor, psycholoog en kinderarts.

Mijn situatie verslechterde snel. De baby had een groeiachterstand en bewoog steeds minder. Ik bleef meer vocht vasthouden, mocht mijn bed niet uit zonder bewaking en voelde mij heel beroerd. Er werd nog een afspraak gemaakt om de afdeling Neonatologie te bezoeken om daar een beeld van te krijgen, maar zover kwam het niet. Met 31 weken werd de baby gehaald via een spoedkeizersnede.

In de operatiekamer moest ik op het randje van het bed plaatsnemen en zover mogelijk vooroverbuigen. Een ruggenprik zou volgen, maar dit werden er meerdere. Met weinig uitleg werd er in mijn buik gesneden. Ik hoorde alles en voelde veel getrek tot de baby eruit werd gehaald en aan een verpleegkundige werd meegegeven voor zuurstof. Ik werd gehecht en moest terug naar mijn kamer op de afdeling Materniteit. Daar lag ik in een kamer zonder baby. Verderop hoorde ik kraamvisite en het gehuil van pasgeboren baby’s.

Mijn baby werd direct overgebracht naar de intensieve neonatale zorg. Ik heb het niet horen huilen, gezien of vastgehouden na de bevalling. De bebloede steunkousen herinnerden mij aan de spoedoperatie. Na een halfuur werd er een kolfapparaat binnengereden met de vraag om te gaan kolven. De verpleging liet op mijn mobiel een foto van de baby zien om het kolven te stimuleren. Ook hielpen ze met het kneden van mijn borsten, maar ik voelde niets en qua melk kwam er niets uit. Kortom, een traumatische ervaring.

Toen ik later mijn baby mocht bezoeken, voelde ik mij vooral verdoofd, in een soort shock, verdrietig en ik kon niets anders doen dan mij bij de situatie neerleggen. Ik zag een kamer vol instrumenten, monitoren, gepiep met een glazen kooi met daarin iets heel kleins zonder kleertjes aan. Ik mocht mijn kindje niet aaien, alleen mijn hand erop leggen.

Na vijf dagen werd ik als kersverse moeder ontslagen, maar mijn baby moest blijven. Mijn Nederlandse zorgverzekeraar kon mij hierbij niet ondersteunen, want ik was niet op reis geweest in het buitenland. Praktisch liep ik direct tegen veel problemen aan.

– Ik stond op straat in het buitenland, maar had er zelf niet voor gekozen om daar te bevallen.

– Hoge mobiele kosten voor het verplicht bellen naar Nederlandse instanties (zorgverzekeraar, werkgever en het UWV).

– De geboorte moeten aangeven in een buitenlandse gemeente.

– Mijn OV-kaart was niet geldig in België.

– Ik had geen zorgkaart voor Belgische apotheken en zorgwinkeladressen, terwijl ik speciale pleisters nodig had, medicijnen, een tijdelijke rolstoel, een kolfapparaat enz.

– Een emotioneel aspect: er kwam weinig kraambezoek door de grote afstand.

– Bij terugkomst in Nederland moest ik mijn baby inschrijven op het verblijfadres in de eigen gemeente. De ambtenaar weigerde dit meermaals omdat bij inschrijving de persoon gezien moet worden. Mijn baby lag echter in de couveuse, dus kon niet meekomen. Na veel aandringen heeft de inschrijving op het verblijfadres alsnog plaatsgevonden, maar weken later.

– Zonder geldig verblijfadres in Nederland krijgt de baby geen basisregistratie personen (BRP) en dus geen burgerservicenummer (BSN). Zonder BRP gaat er ook geen automatisch bericht naar instanties zoals de SVB of het CJG (voorheen het consultatiebureau) en volgen er geen uitnodigingen.

– We kregen geen nazorgtraject aangeboden en wisten niet waar we de post- partumcontrole moest plaatsvinden.

– We werden uitgesloten van het landelijk onderzoek naar traumatische bevallingen, omdat de bevalling niet in Nederland plaatsvond.

– Het niet nakomen van kinderrechten. Buidelen is erg belangrijk voor de ouder-kindhechting en de verdere ontwikkeling, maar omdat de zorgverzekeraar het mij zo moeilijk maakte om dichtbij mijn kind te verblijven, was dit voor ons niet vanzelfsprekend. Bovendien mocht ik na de keizersnede zes weken niet autorijden. Een oplossing had kunnen zijn: contracten afsluiten met zorghotels in het buitenland zodat de kersverse moeder in de buurt van de couveusebaby kan verblijven en dus vaak kan gaan buidelen. Of: de zorgverzekeraar regelt vervoer of vergoedt de reiskosten.

– Ik stond na mijn ontslag op straat in België en leefde plots tussen twee landen. Mijn hart raakte verscheurd. Ik vond uiteindelijk een zorghotel dichtbij het ziekenhuis. Ik moest inchecken voor vier weken, toen werd mijn baby overgeplaatst naar Nederland. De zorgkosten van mijn hotelverblijf werden eerst afgewezen door de zorgverzekeraar. Na vele klachtmeldingen aan het management is men mij uit coulance tegemoet gekomen met slechts de helft van de normale vergoeding genoemd in hun polis. De reden: de zorgverzekeraar heeft geen contracten met buitenlandse zorghotels. En Ronald McDonald Huizen waren er (nog) niet in België.

– Na een maand werd mijn baby (begeleid door een Belgische neonatologieverpleegkundige) overgeplaatst naar een Nederlands streekziekenhuis. De Belgische zorg was professioneel en goed geregeld. In het Nederlandse ziekenhuis ging het er anders aan toe. De alarmen werden niet altijd serieus genomen, de couveuse werd verwisseld en we zagen geen kinderarts maar een nurse practitioner. Ook moesten we in quarantaine omdat we in een buitenlands ziekenhuis hadden gelegen. Iedereen moest witte pakken aan bij binnenkomst.

– Het was stressvol, pijnlijk en onbegrijpelijk. Ik ben in die periode weinig moeder geweest voor mijn baby en ik kan mij weinig geluksmomentjes herinneren. Ik was uitgeput en leefde in een rollercoaster. Toen mijn kind naar huis mocht, voelde dit dubbel. Aan de ene kant wilde ik het graag thuis hebben, aan de andere kant was het nog zo klein, net twee kilo, en verslikte het zich nog vaak bij het drinken.

– Terugkijkend zie ik dat er zoveel verbeterd kan worden. Ik miste goede communicatie en voorlichting. Basisveiligheid, ouders meer controle geven, steun van de zorgverzekeraar, dat had ik nodig. Een bemiddelaar om die dingen uit handen te nemen was fijn geweest. Ik was vooral bezig met het regelen en vechten in plaats van liefhebben en hechten. Ook goede nazorg is van belang. En een goede overdracht vind ik noodzakelijk voor de continuïteit van de zorg.

– De betrokken partijen zijn zich niet bewust van de consequenties van het overplaatsen van een zwangere naar het buitenland. Mijns inziens spelen de vier grote zorgverzekeraars nog onvoldoende in op hulp over de grens bij een vroeggeboorte. Noodgedwongen overplaatsing van de zwangere over de grens is niet meer bijzonder, het gebeurt regelmatig onder meer door het onvoldoende benutten van de (bedden)capaciteit in Nederlandse ziekenhuizen. In mijn casus concludeerde de zorgverzekeraar echter dat mijn situatie uitzonderlijk was en dat wet- en regelgeving niet voorziet in grensoverschrijdend bevallen.

– Men zou veel zorgvuldiger moeten omgaan met het overplaatsen van een zwangere vrouw met ernstige complicaties, vooral bij overplaatsingen naar het buitenland. Een zorgvuldiger counseling bij plaatsgebrek is nodig. De verwijzing naar het buitenland is namelijk niet het einde van een bevallingsproces, zeker niet wanneer het gaat om een prematuur/dysmatuur kind. De zorgverzekeraar kijkt nog onvoldoende mee in het traject na de bevalling, tot overplaatsing van de baby naar Nederland. Hier ontbreekt een schakel.

Ben je ook bevallen in het buitenland door plaatsgebrek in Nederlands en zit je met vragen over je eigen casus? Schrijf erover naar het Landelijk Meldpunt Zorg, die kan de casus eventueel voorleggen aan de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
Donatiebedrag in €:
0