Geen ADHD maar een sensorische integratiestoornis (SI)

Drukoefeningen lijken te helpen

Door Marjolijn (volledige naam bekend bij redactie)

Na een heerlijke vakantie waarin ik de baby in mijn buik wel wat minder voelde bewegen, ging ik voorcontrole naar de gynaecoloog. Ik vertelde dat mijn kindje minder actief was en zo kwam ik in de medische molen terecht. Er werd een ctg gemaakt, waarop flinke dips te zien waren. Ook de echo was niet goed. Mijn kindje liep twee weken achter in groei en had te weinig vruchtwater. Ik was 29 weken zwanger en werd meteen opgenomen om de volgende dag te worden overgeplaatst naar een academisch ziekenhuis vanwege groeivertraging en het HELLP-syndroom.

We hebben het nog een kleine twee weken kunnen rekken, maar na 30 weken en zes dagen werd ons mannetje geboren. Hij woog 1320 gram en was gelijk erg pittig. Hij huilde meteen, trok elke keer zijn sonde uit zijn neus en was flink aan het bewegen. Na ongeveer zeven weken ziekenhuis mocht hij naar huis. Tijdens de opname was het een alert en actief mannetje. Hij was wel wat prikkelbaar, maar dat was normaal vanwege een onrijp zenuwstelsel.
Op de uitgerekende datum werd hij geopereerd aan een liesbreuk. De operatie verliep goed, alleen had de verpleegkundige hem wel moeten inbakeren omdat hij door heel zijn wiegje heen bewoog, zichzelf wakker sloeg en onrustig was. Dit inbakeren hebben we thuis ook enkele maanden gedaan, want stilliggen kon hij niet.

Hij ontwikkelde zich verder goed, maar had wel wat hulp nodig van een fysiotherapeut vanwege een dwangstand en later ook voor het stimuleren van zijn grove motoriek. Hij kon al snel achter een wagentje lopen, maar pas met 21 maanden liep hij echt los. Met het loopwagentje liepen we al hele stukken, maar toen hij kon loslopen, was hij niet meer te houden en gingen we elke dag ruim een uur buiten wandelen om zijn energie kwijt te raken.

Al met zes maanden gingen we babyzwemmen. Hij vond het heerlijk om in het water rond te spartelen, maar was wel wat trager en afwachtender dan de andere kindjes. Hij miste nog wat spierkracht om echt door te zetten, maar bleef het toch erg leuk vinden. Een halfuurtje was voor hem te kort, hij was onuitputbaar dus bleven we vaak ruim een uur in het water.

Toen hij twee jaar oud was, ging hij naar de peuterspeelzaal. Hij kon net lopen en uit een beker drinken ging nog niet, maar gelukkig hield het schooltje hier rekening mee. Hij had het erg naar zijn zin, was heel actief en kon moeilijk stilzitten in de kring. Hij was altijd aan het rennen en schreeuwen, de juffen moesten hem echt afremmen.
Naar andere kindjes toe was hij soms hardhandig. Als reactie op iets, duwde hij soms kindjes. Hij schrok dan enorm van de reactie van het kind, want dat had hij niet verwacht en het was niet zijn intentie om het kindje echt pijn te doen. Gelukkig had hij veel vriendjes en vriendinnetjes op het schooltje en deed hij goed mee met de activiteiten, als het maar buiten was. Weer of geen weer, hij was altijd buiten te vinden, daar genoot hij van.

Hij was drie jaar oud toen zijn broertje geboren werd. Hij was lief voor hem, maar ook jaloers. De baby was voor mama en hij was van papa. Hij liet dit duidelijk merken en toen zijn broertje ging kruipen, vertoonde hij heel obsessief gedrag. Zijn broertje mocht nergens mee spelen, werd aan de kant geduwd en kreeg vaak klappen. We konden de jongens daarom nooit met zijn tweetjes in de kamer laten. Ook al zat zijn broertje in de box, hij was niet veilig alleen in de buurt van zijn grote broer.

Toen hij ongeveer drieënhalf jaar oud was, gingen we naar de ontwikkelingspoli. We moesten van tevoren een vragenlijst invullen over de ontwikkeling en het gedrag van onze zoon. Op dat moment zat mijn frustratie over zijn gedrag erg hoog en ik schreef een compleet A4-tje over hoe ik het vond gaan en dat ik niet meer wist wat ik met zijn gedrag aan moest. Ook wisten wij niet hoe we hem zindelijk moesten krijgen; hij weigerde alles wat we probeerden.
Het was een zware tijd. Tijdens de afspraak werd eerst een testje uitgevoerd waarin hij oefeningen moest doen. Hij was snel afgeleid en scoorde bij de meeste taken onder het gemiddelde. Naar aanleiding van de testresultaten en de ingevulde vragenlijst, werd besloten om een orthopedagoog in te schakelen die ons thuis zou begeleiden. Verder zouden we starten met logopedie.

De orthopedagoog kwam bij ons thuis onze zoon observeren. Onze zoon maakt in alle opzichten een jonge indruk. Het is een vrolijke jongen die snel op zijn gemak is, fantasievol kan spelen, veel communiceert, maar die zich niet makkelijk laat aansturen. Hij kan op een dwingende manier communiceren en vraagt veel aandacht.

Verder ligt hij vaak op de grond en maakt wiegende bewegingen. Zijn taal en motoriek lopen achter op leeftijdsgenootjes. Hij raakt snel gefrustreerd en gooit, slaat en schreeuwt dan. Hij heeft een goed geheugen en let erg op details. Het is een jongen die veel behoefte heeft aan structuur en duidelijkheid. Verder heeft hij erg veel energie. We worden nu begeleid in hoe we hem het beste kunnen benaderen en hoe we met zijn gedrag om moeten gaan.
Daarnaast zijn we gestart met een logopediste die gespecialiseerd is in sensorische integratieverwerkingsstoornis (SI). Toen ze hem voor het eerst zag en observeerde, zag ze veel kenmerken van SI in hem. We hebben weer een vragenlijst ingevuld en onze zoon moest wat testjes uitvoeren waaruit de diagnose SI kwam. Samen met de psycholoog en de fysiotherapeut zijn we hier op doorgegaan. Alle binnenkomende prikkels worden in zijn hoofd niet goed verwerkt en hier moet hij mee leren omgaan.

Toen hij vierenhalf jaar was, zijn we overgestapt op een ergotherapeut. Van haar krijgen we nu drukoefeningen. We moeten elke ochtend druk geven op al zijn gewrichten, het spelletje ‘magneetje’ doen waarbij hij druk voelt op zijn lichaam, en hem laten schommelen in een hangmat. Op de therapie doen we daar allerlei spelletjes mee.
De druk moet ervoor zorgen dat zijn lichaam beter gaat samenwerken en hij beter zijn balans kan houden. We zijn inmiddels vier weken bezig en zien al duidelijk verandering. Hij is rustiger in het gedrag naar zijn broertje toe, is wat ‘dromeriger’ in de klas en is beter aan te sturen. Af en toe heeft hij driftbuien, maar daar leren we steeds beter mee omgaan en die zien we ook eerder aankomen.

Met plassen is hij overdag zindelijk, maar zijn ontlasting is nog een probleem. We gaan nu naar de poeppoli, hij wordt nog steeds gelaxeerd en hopelijk verbetert het langzamerhand. Daarnaast kijken we of hij wel in het reguliere onderwijs kan blijven. Uit zijn IQ-test kwam naar voren dat zijn IQ lager was dan gemiddeld en dat hij een ontwikkelingsachterstand heeft van een jaar. Door de veranderingen van de laatste maanden, denk ik dat hij gewoon op zijn reguliere school kan blijven, want hij is erg gemotiveerd en we zien goede vooruitgang!

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
0
ADHD na vroeggeboorte