Haast niet van echt te onderscheiden

Door Jowi Schmitz

Milo heeft een podiumbeest in zich. Met Sint Maarten laatst durfde hij helemaal in zijn eentje ‘Sinterklaas kapoentje’ te zingen en hij houdt er ook erg van om net te doen alsof hij heel hard valt. Hij roept er heel dramatisch “Auw!” bij.

Wat hij ook leuk vindt: verhalen herhalen. Tien keer, bij voorkeur – achter elkaar. Dat de bus van zijn vader kapot is. “Bus kapot!” Dat we naar de supermarkt gingen en de eieren op de grond vielen. “Boem!” Verder is hij gek op alles met trekkers en vliegtuigen en, oh ja, op Herbie van ‘Cars’. Hij is fan en wil ook een ‘Hot Rod’ auto en dat laatste mag hij van mij wel twintig keer herhalen. Omdat ‘Hot Rod’ uit zijn mond zo schattig klinkt.

“Moet je niet een keer een column schrijven?” vroeg mijn lievelingstante laatst, die niets van deze column weet. We troffen elkaar weer eens, tijdens een familie-uitje. “Ik kan me voorstellen dat mensen met een prematuur kind het fijn vinden om te lezen hoe goed zo’n joch kan opdrogen.”

Milo kwam net op schoot van zijn vader op een heftruck voorbijrijden. Ik had net een mail gestuurd dat ik ermee ging stoppen, met deze column. Want het gaat zo goed met Milo. Hij is tweeënhalf, ik ben weer volop aan het werk. En dat niet alleen, ik schrijf andere, nieuwe verhalen. Er is ruimte in mijn hoofd.

Natuurlijk zijn er nog dingen waar ik me zorgen over maak. Als hij hysterisch gilt dat we alleen maar op één manier zijn bord mogen neerzetten. Als hij totaal van de leg is omdat zijn gele regenlaars scheef zit. Maar over het algemeen denk ik dan vervolgens: “Ja, dat snap ik wel.” Dat obsessieve heeft hij van zijn moeder (en inderdaad, die autoliefde heeft hij van zijn vader).

Mijn tante en ik praatten ondertussen door over dat begin van mijn kleintje. Ik vertelde dat de verpleegkundige me, toen Milo nog net niet geboren was, een fotoboek wilde laten zien met andere prematuren. “Opdat ik er alvast aan kon wennen.”

A Column Jowi Milo aan rekstok

Geen haar op mijn hoofd die erover dacht te kijken. Ik wilde alleen maar mijn eigen kind zien, verder niks. Bewuste kokervisie, ik wilde – toen mijn boek over Milo er eenmaal was – ook niet naar al die verpleegkundigenseminars om over ‘de prematuur’ te praten. Ik ben niet zo delerig misschien. Wat dat betreft is deze column in een prematurenblad als Kleine Maatjes een uitzondering op die regel. En begrijp me goed; ik hou van praten met lotgenoten, maar dan het liefst één op één. Niet als groep.

Ik dwaal af. Geen prematurenfotoboek voor mij, maar waar ik toen al wél enorm naar verlangde: de toekomst. Verhalen van mensen die iets dergelijks hadden meegemaakt en waar het goed mee was gekomen. Dat dat kón. Het was destijds niet gezegd dat het ons zou gebeuren, maar dat dat kón.

Dat er na een jaar of twee hele leuke, zichzelf alsmaar herhalende peuters uit die gevlekte kipfiletjes kunnen ontstaan. Dat als ze eenmaal op een spoor zitten – hoe snel of langzaam dat spoor zich ook ten opzichte van andere kinderen voltrekt – dat dat ook gewoon een minimensjesspoor is. Niet alleen de groeiachterstanden of andere problemen, gewoon een peuter, die graag honderd keer “Bus kapot!” brult.

Ik zag laatst een fotoserie van een Canadese fotograaf, Red Méthot, die prematuren een paar jaar later fotografeert. Kindjes tussen één en acht jaar oud, ze houden hun prematurenfoto vast. En ja, een paar van die kinderen hebben een slangetje uit hun neus en het zijn foto’s bovendien; ik kan niet zien hoe het van binnen met ze gaat. Maar wat me wel opviel: het zijn stuk voor stuk kindjes geworden. Geen wezentjes meer, bedekt met draadjes en bliepjes, wier welbehagen wordt afgelezen aan kleurveranderingen van hun doorzichtige huid en aan cijfers op de monitor boven hun hoofd. Gewoon, kinderen. Haast niet meer van echt te onderscheiden.

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
Donatiebedrag in €:
0