De vijf S’en volgens de Karp-methode.
Ook op tijd geboren baby’s zijn na hun geboorte nog onrijp. Zo zijn gedurende de eerste drie maanden na de uitgerekende datum de primitieve reflexen nog aanwezig: de zuig-, grijp- en moro-reflex (=primaire schrikreflex). Je zou kunnen zeggen dat baby’s na de bevalling een vierde trimester missen: na drie trimesters in de baarmoeder zijn ze toch nog foetaal. Volgens de Amerikaanse Dr. Karp hebben ze ook een troostreflex. Veel baby’s kunnen zichzelf makkelijk troosten, maar bij sommige baby’s is die troostreflex moeilijk ‘aan te zetten’. Zij huilen excessief: de huilbaby’s.

Een gezonde baby van twaalf weken huilt zo’n twee uur per dag, maar er zijn baby’s die vier uur of meer huilen. De ouders halen soms alles uit de kast om zo’n baby te troosten, maar vaak werkt dat maar even. Maar liefst 22 procent van alle ouders van jonge baby’s zoekt hulp voor het huilen, terwijl bij slechts 5 procent een lichamelijke oorzaak wordt gevonden. De effecten op de korte termijn zijn soms groot: uitputting, stoppen met borstvoeding, relatieproblemen, postpartum depressie, afnemend zelfvertrouwen, problemen met de ouder-kindrelatie, kindermishandeling (shaken-baby-syndroom) etc.


Hoe werken de vijf S’en?
De vijf S’en vormen een stapsgewijs proces, bedoeld om de troostreflex ‘aan te zetten’. Eigenlijk is de baby de eerste maanden nog afhankelijk van de sensaties die hij voelde in de baarmoeder en die boots je na met de vijf S’en. Eerst wordt de baby ingebakerd (swaddling) en op de zij gelegd (side). Vervolgens wordt de baby vlak bij het oor gesust (shhh), gevolgd door kleine wiebelbewegingen van het gesteunde hoofd (swaying). Tenslotte gaat het kind zuigen (sucking). Vaak reageren baby’s al bij stap 3 (shhh), dan staat de troostreflex aan en stopt het huilen.

Door dit proces voelt de baby als het ware de geborgenheid van de baarmoeder. Bij stap 1 (inbakeren*), beperk je zijn ruimte zoals in de buik van zijn moeder. De zijligging (stap 2) bootst de positie in de baarmoeder na en helpt de moro-reflex tegen te gaan. Bij deze schrikreflex spreiden de baby’s hun armen en benen, wat hen uit hun slaap kan houden.

In de praktijk is het opvallend dat vooral het sussen (stap 3) goed werkt. Vanaf 28 weken zwangerschap – als het gehoor voldoende ontwikkeld is – hoort de baby continu harde geluiden, bijv. van de bloedstroom in de baarmoeder (even luid als een grasmaaier!). Het shhh-geluid lijkt daarop en geeft dus troost. Daarom reageren baby’s vaak ook gunstig op ‘white noise’: een constant ‘lawaaierig’ geluid dat omgevingsgeluiden neutraliseert. Denk daarbij aan een stofzuiger of de motor van een auto.

De kleine wiebelbewegingen van stap 4 associeert de baby met de bewegingen die hij voelt in de baarmoeder als hij meedeint met zijn moeder. Baby’s houden van monotone en snelle, kleine (wiebel)bewegingen. Heel belangrijk is echter: nooit schudden. Door te baby tenslotte te laten zuigen (stap 5), blijft de troostreflex aanstaan. Dit kan door de baby een speen, pink of wat drinken aan te bieden als hij weer kalm is.

Het aanbieden van de vijf S’en wordt ook wel ‘de knuffelkuur’ genoemd en werkt bij gezonde baby’s tot ze drie tot vier maanden oud zijn. Hoe harder de baby huilt, hoe meer er nodig is en hoe harder (maar voorzichtig) je moet wiebelen en sussen. Pas na zo’n vijftien keer hebben de ouders de techniek goed onder de knie. Als het niet werkt, kan het zijn dat de ouders te zachtjes “Shhh” roepen of wiebelen, hoewel het kleine bewegingen moeten blijven met ondersteuning van het hoofd.

Wetenschappelijk onderzoek.
Dr. Roos Rodenburg en Dr. Eline Möller (beiden Universitair Docent bij de Universiteit van Amsterdam, afdeling Pedagogische Wetenschappen) doen samen onderzoek naar het huilen en slapen bij jonge baby’s. Zij hopen het wetenschappelijk bewijs te kunnen leveren dat het proces van de vijf S’en daadwerkelijk werkt. Al eerder werd door kinderartsen onderzocht of de methode ook werkt na het geven van vaccinaties. Een baby op wie de vijf S’en wordt toegepast, is dan inderdaad sneller getroost en voelt minder pijn dan een baby die niet volgens deze methode wordt getroost.

Natuurlijk kunnen ook andere manieren van troosten goed werken. Ouders kunnen bijvoorbeeld hun eigen troostmethode ontwikkelen die bij hun kind goed uitpakt. Verder is huid-op-huidcontact (buidelen) zeer effectief, iets wat de meeste couveuseouders al toepasten in de ziekenhuisperiode van hun kind, maar wat je thuis gewoon kunt voortzetten. Babymassage en liefdevolle aanrakingen kunnen ook helpen, maar pas nadat de baby gekalmeerd is.

Als je baby veel huilt, is het een goede tip om hem bij visite bij je te houden in zij-/buikligging. De baby blijft dan rustig omdat de moro-reflex wordt tegengegaan, terwijl rugligging dat niet doet. Bij sommige kinderen is het al voldoende om ze in te bakeren als ze in de eerste periode na de geboorte nog onrustig zijn. Of ze alleen ‘white-noise’ te laten horen; er zijn zelfs speciale knuffeltjes en dergelijke te koop met dat soort geluiden.

Veel baby’s vinden voorspelbaarheid rondom het slapen prettig en rustgevend. Rust, reinheid en regelmatig zijn nog steeds dingen waar baby’s het goed op doen. Een echt slaapritueel met vaste items is dan ook een goed idee. Het krijgen van een voeding is bij een kind ook vaak slaapverwekkend. Als je dat doet vlak voor slaaptijd, kun je je kind al slapende in bed leggen.

Wat moet je doen na dat eerste trimester na de bevalling?
Na drie tot vier maanden gaat de troostreflex bij op tijd geboren kinderen minder goed werken en het proces met de vijf S’en pakt daarom steeds minder goed uit. Echter, de baby kan zichzelf steeds beter troosten en heeft op dat punt zijn ouders minder hard nodig. Inmiddels hebben de meeste ouders dan hun eigen slaapgewoonten met hun kind ontwikkeld. Het kind is dan gewend om volgens een vast patroon naar bed te worden gebracht en zal makkelijker zelf in slaap komen.

Nog even dit, want het kan niet vaak genoeg gezegd worden: Laat je kind altijd veilig slapen. Dus: altijd op de rug, nooit co-slapen bij de ouders ín bed, maar wel bij de ouders op de kamer.

*) Het inbakeren moet met kennis van zaken gebeuren. Lees hierover meer in het artikel op pagina 3 in dit nummer.

Bronnen:
Het boek ‘De Karp-methode, de praktische manier om alle (huil)baby’s stil te krijgen’, €31,50
Het boek ‘The Happiest Baby On The Block’ €15,99 (Engelstalig)
De lezing van Dr. Roos Rodenburg en Dr. Eline Möller (beiden Universitair Docent bij de Universiteit van Amsterdam, onderzoeken het huilen en slapen bij jonge baby’s) gehouden op het Euregionaal Congres van 28 november jl.

 

 

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
Donatiebedrag in €:
0