Het geluk is met ons.

Van een vroeggeboorte was bij ons geen sprake. Na ruim 42 weken zwangerschap werd ik overgedragen aan het ziekenhuis. Ik voelde me erg fit en had zelfs de avond van tevoren nog even de tuin aan kant gemaakt, want ‘daar zouden we voorlopig wel niet aan toe komen’. De controles wezen uit dat zowel de baby als ik het goed maakten. Een keizersnede hebben we overwogen, maar gezien onze fitheid is hiervan afgezien.

Uiteindelijk kwamen dan toch de weeën op gang en alles verliep volgens het boekje. Ik werd rond middernacht overgebracht naar de verloskamer. Inmiddels waren de persweeën begonnen. Aan mijn zijde had ik mijn vriend en een fantastische verpleegkundige die mij volop steunden. De arts en de verloskundige wisselden elkaar af.

Na bijna een uur persen bleek de hartslag van de baby te dalen. Er werd een echo gemaakt om te kijken of de baby nog goed lag, wat het geval was. Na afstemming met de gynaecoloog op afstand, werd een micro-bloedonderzoek (mbo) ingezet. Hierbij wordt een krasje op het hoofdje van de baby gemaakt. Helaas mislukte dit onderzoek een aantal keer (te snelle stolling, te weinig bloed), maar de hartslag op de monitor herpakte zich en zo werd het bloedonderzoek stopgezet.

Ongeveer twintig minuten later werd toch een bloedmonster genomen. Nog zie ik de blik van de verpleegkundige voor me: dit was foute boel. Ze noemde met enige haast een uitslag aan de verloskundige en de arts, en toen begon het hele circus. De gynaecoloog werd uit bed gebeld en die stond in no time in eigen kleren naast mijn bed. Eén blik van hem was genoeg om mij duidelijk te maken dat er haast geboden was en dat wij samen de klus moesten klaren.

Voor een keizersnede was geen tijd meer: de baby had het heel slecht en moest er met hoge spoed uit. Ik moest persen wat ik persen kon en een minuut of tien later werd onze dochter geboren. Ze was slechter dan verwacht, kwam als het ware levenloos ter wereld, zonder te ademen en zonder reacties. Nog altijd is mijn beeld en gevoel dat ze ijskoud was, hoewel dat niet waar kan zijn. Als een lappenpop hing ze in de handen van de gynaecoloog. Ze ademde niet. Ze bewoog niet. Had een apgarscore van 1 en na een minuut was die nog steeds 1. Foute boel dus.

Ander personeel werd gealarmeerd en zo werd onze dochter binnen een paar tellen op een tafel, een paar meter bij ons vandaan, gereanimeerd. Inmiddels stonden er meer dan tien mensen in de ruimte om haar te helpen. Vanuit mijn bed zag ik de ruggen van mensen die verhulden wat daarachter gebeurde. We hoorden waardes, probeerden te volgen wat er gebeurde en maakten ons uiteraard enorme zorgen.

Ze vroegen ons om onze mobieltjes en een camera, en maakten foto’s voor ons. Dat daar in alle hectiek aan gedacht is, is achteraf geweldig. Zo kregen we een beter beeld van wat er gebeurd is, hoe confronterend dat ook was. Ik bleef mijn vriend maar zeggen: “Ga kijken bij ons kind, kijk wat ze aan het doen zijn.” Vanuit mijn bed kon ik immers niets zien en ze maakte geen geluid, dus ik kon haar niet horen. Ook voor hem waren het angstaanjagende momenten.

Maar onze dochter stabiliseerde, ademde inmiddels zelf, met minimale ondersteuning en begon te bewegen. Ze werd onder narcose gebracht, want dat bewegen was niet wenselijk met alle slangetjes in en aan haar lijf. Toen pas kwam de vraag: “Hoe heet ze?” Tot dat moment was haar naam niet van belang geweest, maar opeens was het dan toch echt onze dochter met een naam.

Inmiddels was een academisch ziekenhuis geïnformeerd en onze dochter werd met een speciale reiscouveuse onder begeleiding van experts uit dat ziekenhuis opgehaald nadat we haar een kus hadden mogen geven. Ongelooflijk om anderhalf uur na je bevalling afscheid te moeten nemen van je baby’tje en haar weggereden zien worden. Het was echter nodig: ze had asfyxie – zuurtstoftekort – opgelopen tijdens de bevalling en daar moest een speciale behandeling voor worden ingezet. Asfyxie kan leiden tot (ernstige) hersenschade en schade aan andere organen. Om deze gevolgen te beperken, werd haar lichaam gekoeld (hypothermie*ᵃ).

Mijn eigen vervoer naar het academische kwam pas uren later toen er een ambulance beschikbaar was. Mijn vriend volgde in zijn eigen auto en onze dochter zagen we pas weer na vijf uur. Het waren zenuwslopende uren zonder communicatie over hoe het met haar ging of wat de prognose was. 72 uur lag zij gekoeld, daarna werd ze beetje bij beetje opgewarmd en op dag vijf kreeg ze een MRI-scan van haar hersenen.

In de tussentijd werden wij uitgenodigd om te helpen bij haar verzorging en zo leerden we haar stukje bij beetje kennen. Op dag zes6 hielden we haar voor het eerst vast. Toen kregen we ook de uitslag. Ons meisje is er ‘goed vanaf’ gekomen. Men had een paar kleine beschadigingen op de hersenen gezien, zo klein dat ze misschien niet eens merkbaar zullen worden.

Vanaf toen ging het in sneltreinvaart de goede kant op: ze moest afkicken van haar medicatie en leren drinken aan de borst. Opeens was de NICU, met alle zorgzaamheid voor zowel onze dochter als voor ons, niet meer nodig. We namen met moeite afscheid van alle buisjes en slangetjes, die in die eerste dagen gek genoeg ons baken van vertrouwen waren. Op naar een ander ziekenhuis, want Medium Care was opeens voldoende. Het ging snel: na twee weken kwam onze dochter thuis en kon het wennen en genieten beginnen. Ze ontwikkelt zich goed en puur ter controle komen we de komende jaren nog in het academische ziekenhuis.

Qua communicatie hebben we in beide ziekenhuizen niet de beste situatie meegemaakt, misschien ook vanwege de feestdagen. De afstemming tussen de artsen, de terugkoppelingen over de voortgang, de inzet van verschillende medewerkers: het had allemaal wel wat zorgvuldiger gekund. Maar we hadden ook fantastisch warme, zorgzame medewerkers om ons heen die echt het verschil maakten. Onze dankbaarheid dat alles nu goed gaat met onze dochter, is enorm. We zien met vertrouwen haar toekomst.

Inmiddels heb ik een reeks EMDR-behandelingen*ᵇ achter de rug om het trauma te verzachten. Ook deze behandelingen hebben bijgedragen aan het vertrouwen dat we nu voelen. We kunnen de tijd niet terugdraaien en niets veranderen aan wat er is gebeurd, maar we zijn vooral dankbaar dat het geluk met ons is! Wij genieten elke dag weer van onze kleine dame en hopen dat zij ooit grote zus mag worden.

Mocht je contact op willen nemen, dan kan dit via de redactie die onze gegevens heeft.

*ᵃ) Hypothermie is een behandeling waarbij het lichaam van de baby wordt afgekoeld tot  33,5 °C. Dit gebeurt onder continue monitorbewaking en observaties van verpleegkundigen en artsen.

*ᵇ) EMDR staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing: een therapie voor mensen die last blijven houden van de gevolgen van een schokkende ervaring.

Reacties

reacties

Voor ouders

Heb je of krijg je binnenkort een kindje dat op afdeling Neonatologie of een NICU wordt opgenomen? Je staat er niet alleen voor!

lees meer

Voor familie en vrienden

Een kraamvisite in het ziekenhuis gaat anders dan je gewend bent. We geven je graag wat tips en kadoideeën.

lees meer

Voor professionals

We bundelen onze krachten met zorgverleners in het Neokeurmerk. Hiermee maakt je ziekenhuis of afdeling inzichtelijk hoe hoog de kwaliteit van zorg is. Bezoek de speciale website voor meer informatie.

lees meer
Donatiebedrag in €:
0